DORDRECHT – Omwonenden klaagden de afgelopen jaren met regelmaat over staalbedrijf Tata Steel in IJmuiden, chemisch bedrijf Chemours in Dordrecht en Asfalt Productie Nijmegen. Omdat ze naar eigen zeggen geen gehoor kregen bij lokale overheden of bedrijven zelf, begon de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) een onderzoek naar de drie bedrijven. Conclusie: omwonenden moeten beter worden beschermd tegen de schadelijke uitstoot van industriële bedrijven en beter geïnformeerd worden van de gezondheidsrisico’s. De OVV constateert dat bedrijven en overheden bij klachten vaak reageren met standaardantwoorden als ‘Het bedrijf voldoet aan de vergunning’. Provincies, gemeenten en omgevingsdiensten hebben te weinig kennis en capaciteit in huis om inwoners goed bij te staan. Dat leidt tot een te passieve houding en het voortduren van de uitstoot. (Archieffoto: Stolk Fotografie)
De drie bedrijven doen weinig méér dan wettelijk verplicht is om de schadelijke uitstoot te verminderen, aldus de OVV. Er wordt weinig onderzoek gedaan naar die uitstoot en de gezondheidseffecten daarvan. Pas als omwonenden blijven klagen, komen bedrijven in actie. Dat zou meer uit eigen beweging moeten gebeuren, vindt de Onderzoeksraad. De bedrijven zouden meer openheid van zaken moeten geven over de gevolgen van hun uitstoot voor de gezondheid van omwonenden en dit systematisch moeten onderzoeken. Lokale overheden moeten vanuit Den Haag ondersteund worden met kennis, capaciteit en uitvoerbare, eenduidige wetgeving. Het rapport met de aanbevelingen ligt nu op het bureau van de staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat.
Reactie Chemours
Chemours heeft aan het onderzoek meegewerkt en reageert op de uitkomsten ervan, die vandaag zijn gepubliceerd:
‘Chemours wil een goede buur in onze gemeenschap zijn. Daarom zijn we continu bezig om de impact op onze omgeving zo klein mogelijk te houden terwijl we materialen produceren die essentieel zijn voor het functioneren van de 21e eeuwse samenleving. We blijven daarom investeren in maatregelen die onze emissies significant verder verlagen. Daarbij werken we zo goed mogelijk samen met de overheid in het stellen én behalen van ambitieuze milieudoelen. Ook zoeken we actief de dialoog met de mensen om ons heen.
De Onderzoeksraad voor Veiligheid heeft een gedegen en onbevooroordeeld onderzoek uitgevoerd, waaraan Chemours alle medewerking heeft verleend. De Onderzoeksraad bevestigt dat Chemours omtrent de emissie van HFPO-DA (GenX-stof) heeft gedaan wat vanuit de overheden werd vereist. De Onderzoeksraad merkt op dat de in 2018 aangekondigde maatregelen van Chemours om de emissies met meer dan 99 procent te verminderen ertoe hebben geleid dat het uiteindelijke emissieniveau lager is dan de aanvankelijke inzet van het bevoegd gezag.
Chemours ziet dit als het resultaat van een constructieve en professionele samenwerking met toezichthouder DCMR. Intussen werken we hard verder aan ons programma om overige emissies van gefluoreerde stoffen met minimaal 99 procent te verminderen, met als tussendoelstelling een vermindering met 80 procent voor het eind van dit jaar.
We onderkennen dat er desondanks omwonenden zijn met zorgen en vragen. Die adresseren we door het aangaan van de dialoog – onder andere via de Burenraad – en het toegankelijk presenteren van informatie op basis van de wetenschappelijke feiten. Onze 500 betrokken medewerkers in Dordrecht werken elke dag aan het veilig uitvoeren van de productieprocessen en milieumaatregelen. Zo zorgen zij voor de verantwoorde productie van essentiële materialen voor vele producten in ons dagelijks leven, waaronder levensreddende medische toepassingen, snelle 5G-communicatiemiddelen, warmtepompen en elektrische voertuigen en de productie van groene waterstof.
Chemours is zich terdege bewust van de belangrijke en verantwoordelijke taak om dit elke dag opnieuw te realiseren en verder te verbeteren, in lijn met de aanbevelingen van de Onderzoeksraad en onze eigen missie en visie.
Chemours blijft doorgaan op het ingeslagen pad van het terugdringen van zijn emissies. Naast het minimaliseren van de emissies van gefluoreerde stoffen betreft dat ook het verminderen van onze CO2-voetafdruk en het ontwikkelen van technologie waarmee we nog duurzamer kunnen produceren. De kennis en inzichten die we daarbij vergaren, delen we met de overheid en andere belanghebbenden’.


