DORDRECHT – Een grote hoeveelheid werk van Vincent van Gogh is in 1877 in Dordrecht verbrand. Dit even opmerkelijke als pijnlijke feit komt op tafel als Hans Berrevoets en Bart van Aanholt vertellen over het plan om volgend jaar tal van activiteiten te organiseren ter herinnering dat de wereldberoemde schilder precies 150 jaar geleden in Dordt woonde en werkte.

“Vincent huurde een kamer bij de familie Rijken, aan de Tolbrugstraat Waterzijde. Hij woonde daar van januari tot mei en na zijn vertrek trof de schoonmaakster in z’n kamer nogal een bende aan. Er lag onder meer een stapel schetsen en tekeningen, waarvan ze zich afvroeg wat daarmee moest gebeuren. ‘Stop maar in de potkachel’ kreeg ze te horen. Ze hebben het er wellicht even warm van gehad, maar nooit kunnen bevroeden dat ze een fortuin verbrand hebben.”

Berrevoets en Van Aanholt waren tien jaar geleden al de aanjagers van activiteiten om stil te staan bij het feit dat het toen 140 jaar geleden was dat de schilder zich een Dordtenaar mocht noemen. Het duo loopt zelf over van ideeën, maar vraagt tientallen mensen en organisaties om mee te denken. Daartoe vindt er donderdag 5 maart een inspiratiebijeenkomst plaats.

Hoewel Van Gogh amper vijf maanden in Dordt woonde, was het een belangrijke periode in zijn leven. Dat weten we dankzij de bewaard gebleven brieven, die hij schreef aan zijn broer. De toen 23-jarige Vincent, zoon van een predikant, worstelde met de vraag of hij schilder moest worden of theoloog. Hij werkte in een boekhandel aan het Scheffersplein, bezocht vaak de Grote Kerk en maakte nachtwandelingen langs de havens en rivieren.

“Het water rondom de stad en het rijke religieuze leven inspireerden hem”, denkt Berrevoets, maar Van Aanholt twijfelt of de betoverende schittering van het water de doorslag gaf om schilder te worden. Hij denkt dat een andere Dordtse schilder daarin een grotere rol speelde: “Vincent bezocht vaak het Dordrechts Museum om het werk van Ary Scheffer te bewonderen.” Het Dordrechts Museum wordt één van de ‘trekkers’ van het Van Gogh-jaar, want daar zal een tentoonstelling met werk van de schilder te zien zijn. Samen met Het Gilde organiseert het museum ook wandelingen. Van Aanholt verwacht daarvoor veel belangstelling.

Ook de Grote Kerk gaat in het Van Gogh-jaar een rol spelen, weet Berrevoets. “De predikante, Idelette Otten, denkt nog na over de invulling. Haar voorganger Paul Wansink hield negen jaar geleden bijvoorbeeld een speciale kerkdienst. Hij herinnerde er aan dat Van Gogh daar vaak kwam. Ook in andere Dordtse kerken trouwens.”

Of er het hele jaar activiteiten zullen zijn, hangt af van het aantal ‘aanhakers’. “Hoe mooi zou het zijn als in januari een stoomtrein aankomt op het station en Vincent van Gogh daar uitstapt”, mijmert Van Aanholt. “De organisatie van Dordt in Stoom denkt al met ons mee.” In januari 1877 kwam de schilder daar aan, omdat hij veel per trein reisde. “Als Dordrecht dankzij de aanleg van twee bruggen vijf jaar daarvoor niet op het spoor was aangesloten, zou Van Gogh nooit naar Dordt gekomen zijn”, denkt Berrevoets. Burgemeester Nanning Mol zal de inspiratiebijeenkomst in het Dordtse stadhuis officieel openen. Wie er bij wil zijn, moet zich vooraf aanmelden via bartvanaanholt@gmail.com.